Knowhow: Visuele werkomgeving

Alles heeft zijn plaats - kleur steeds binnen de lijnen – tools voor een visuele werkplek

Hierbij vindt u een overzicht van enkele tips om de werkplek visueler te organiseren: 

1. Markeer gangpaden en doorgangen (dit is verplicht in de VS). Plaatsen waar mensen en voertuigen elkaar kruisen, verdienen dezelfde aandacht.


2. Markeer opslaglocaties en de voorwerpen die er moeten zijn (zo kan u aftoetsen of alles op zijn plek staat).

3. Het gebruik van diagonaal gestreepte tape zorgt voor een extra visuele impact bij zones die vrij moeten blijven.
Verandert u regelmatig opslagruimten van plaats? Gebruik dan best magnetische of herpositioneerbare labels.

4. Maak een zelfklevende kopie van verschillende gereedschappen en kleef deze vormen op een zogenaamd schaduwbord. Zo ziet u direct welk gereedschap waar moet hangen.

5. Als u verschillende afdelingen heeft, kan u het gereedschap per afdeling met een andere kleur markeren zodat u het onmiddellijk ziet als het gereedschap zich op een verkeerde plaats bevindt.

6. Om minder nutteloze bewegingen te maken, kan u het gereedschapsbord best bewaren in de buurt waar het meestal wordt gebruikt.

7. Verwijder kastdeuren en gebruik bij voorkeur open rekken. Doordat de inhoud direct zichtbaar is, zal er veel meer op orde worden gehouden. In sommige bedrijven plaatsen ze zelfs schuine afkappingen bovenop de kasten om te voorkomen dat mensen voorwerpen op de kast leggen.

8. Breng waarschuwingen en veiligheidsinstructies aan op de plaats waar het nodig is, nl. daar waar de medewerker wordt blootgesteld aan gevaar.

9. Markeer veiligheids- en brandbestrijdingsapparatuur in een duidelijk kleurtje zodat u ze snel en gemakkelijk vindt in geval van nood. Bv. schilder de kolom waarop de brandblusser hangt, gedeeltelijk in rood.

10. Stel uw LDM-borden (LDM = Lean Daily Management) zodanig op dat ze niet alleen meetkundige gegevens opvolgen maar ook leiden tot verbetering. Geef in tabel 1 een overzicht van de gemeten waarden vs. de doelstellingen. In tabel 2 geeft u een overzicht van de geïdentificeerde problemen en de frequentie waarin ze zich voordoen. Tabel 3 bevat een instructieblad dat helpt bij de analyse van de oorzaken en het vinden van een oplossing. En in de 4de tabel staat het actieplan vermeld.